rijsoord banner

Rijsoord: een geheim schildersdorp


An artist's nook, an artist's haven or the quest for the golden inn
Een overzicht van de gevonden feiten over het schildersdorp Rijsoord


"In den zomer van 1895 waren er veel Engelschen in Rijsoord, en zooals men weet
komen dezen meestal het typeerende van steden of dorpen schilderen of teekenen.
Zoo was in Rijsoord het karakteristieke de kleederdracht.
Groote gekleurde baaien rokken waren toenmaals in de mode. Doch niet alleen voor
de kleederdracht maar ook voor de schoone idyllische omgeving (de boezem de Waal)
kwamen de bewoners van het eilanden rijk. Het Dorpshotel was vol gasten de enkele
pensions ook wel. Ieder dorpeling sprak over het hoogbezoek dat hun geboorte plaats
ontving. Ze waren er wel blij mee uitgeschilderd te worden"


Dit komt uit het reisverslag van Hendrika Grietje van Nes (1874-1945). Wie waren die Engelsen in Rijsoord? Het antwoord vindt U in dit boek.

Het tussen Dordrecht en Rotterdam gelegen Rijsoord (gem. Ridderkerk) was een pittoresk dorp waar rond 1900 vele Engelse en Amerikaanse leerlingen van kunstacademies en kunstenaars in de zomermaanden enkele weken achtereen verbleven. Ze kwamen voor het Hollandse landschap, de klederdracht en de landelijke bezigheden. In Rijsoord zag de schilderende vreemdeling de verschillende bewerkingen van vlas, de klapperman die 's morgens de arbeiders wekten, de ambulante verkoper met zijn hondenkar, de klompenmaker, de boerenarbeider op de velden of de jongedames die op klompen in hun zondagse dracht via de Pruimendijk naar de kerk liepen.
Van alle gevonden kunstenaars is geprobeerd te achterhalen in welk jaar (of jaren) zij in het dorp zijn geweest.
Het boek bevat bovendien artikelen - geschreven door de buitenlandse gasten - waarin zij een beschrijving geven van hun verblijf in het Zuid-Hollandse dorp.

"In the fields, where the flax lies drying in the rare sunlight, the women bend over their work all day long. Their white caps and faded blue aprons are picturesque in the extreme, and determined art students are always stealthily catching an effect or an impression as though they were rare animals. The peasants seem to regard the painters with a stolid, rather tolerant amusement, as harmless lunatics, who pay them for idleness."

"Rijsoord has almost as many art students as aborigines. They swarm in the streets, in the fields, on the canals, on the river."

Andere publicaties:
- Rijsoord - San Francisco 1898/1899: de reis van H.G. van Nes, Mrs. Denis O'Sullivan en Curtis (in: Gens Nostra 58 (sept 2003))
- Drika van Nes: kindermeisje en schildersmodel voor buitenlandse kunstenaars (in: Tijdschrift Oud-Dordrecht 2008-2)
- Buitenlandse kunstenaars in Dordrecht rond 1900 (in: Tijdschrift Oud-Dordrecht 2016-3)
- Gijsbert Jan van Rijsoort van Meurs (1843-1904) en zijn oud-Hollandse kamer (in: Tijdschrift Oud-Dordrecht 2019-1)
- Kunstschilder Roland Larij (1855-1932) en zijn familie (in: Tijdschrift Oud-Dordrecht 2019-3 en 2020-1/2)
- De kunstschilder Francis Hopkinson Smith en Dordrecht (in: Tijdschrift Oud-Dordrecht 2021-1)
- Dordtse mutsenmaaksters tussen 1808 en 1922 (1-2) (in: Tijdschrift Oud-Dordrecht 2022-2+3)
- Vrouwelijke leden van het Teekengenootschap Pictura 1877-1952 (in: Tijdschrift Oud-Dordrecht 2024-2)
- Schilderende vreemdelingen onder een parasol: "Laat ons met rust!" (in: Tijdschrift Oud-Dordrecht 2024-3)
- Vluchtelingen uit Antwerpen in 1914 (in: Tijdschrift Oud-Dordrecht 2025-3)

E. van Dooremalen

artists' village of Rijsoord

Friedrich Kallmorgen - Der Hausierer

paragraaf

het begin van het schildersdorp Rijsoord



Johannes van der Poel wordt op 15 november 1857 geboren in de Haarlemmermeer. Zijn ouders Jan van der Poel en Maria van Nes zijn in 1856 vanuit Rijsoord daarheen verhuisd. Zijn vader is landbouwer en later logementhouder van het logement De Beurs aan het Kruisdorp in de Haarlemmermeer. Moeder Maria van Nes overlijdt in 1867. Het jaar daarna emigreert vader Jan van der Poel met zijn grote gezin naar Amerika, naar Chicago (Illinois).
Zoon Johannes van der Poel (in Amerika: John H. Vanderpoel) wordt kunstschilder. In 1883 is hij leraar op de kunstacademie Art Institute of Chicago. In september 1885 vertrekt John H. Vanderpoel met het stoomschip 'Servia' naar Liverpool. Zijn academie heeft hem een 'traveling scholarship' gegeven. In Parijs studeert hij aan de Académie Julian onder Gustave Boulanger en Jules Joseph LeFebvre. Tijdens de zomermaanden bezoekt Vanderpoel München en Italië. In juli en augustus 1886 verblijft Vanderpoel voor het eerst in Rijsoord.
In 1887 reist John H. Vanderpoel vijf maanden lang met vier andere Parijse studenten van de academie door Nederland. Begin juli neemt hij zijn medereizigers mee naar Rijsoord: 'about the beginning of July landed us a pretty little village between Dortrecht and Rotterdam. These simple-minded folk had never seen an artist to that time, but we acted as pioneers, for now [1893] the village is a headquarters for a crowd of art students'. De groep bestond uit: John H. Vanderpoel (1857-1911), Arthur F. Mathews (1860-1945), Walter Gilman Page (1862-1934), Philip L. Hale (1865-1931) en Alexander Schilling (1859-1937). De Amerikaanse studenten zijn tussen de 22 en 29 jaar oud. De eerste drie zetten hun naam in het bezoekersregister van het Dordrechts Museum in Dordrecht. De twee zussen van John H. Vanderpoel - Cornelia en Mathilda - brengen de zomer van 1887 ook door bij hun familieleden in Rijsoord, en mogelijk elders. In oktober 1887 is John H. Vanderpoel weer in Chicago.

Academie Julien 1886: John H. Vanderpoel (onder, helemaal rechts met snor), Arthur Wesley Dow (midden, onder man met lichte schildersjas) (The Breton Years of Arthur Wesley Dow, Frederick Campbell Moggatt, 1975 (jstor))
De zomer van 1888 brengt Vanderpoel opnieuw door in Rijsoord. Hij reist op hetzelfde schip als de kunstenaars Adèle Matthiessen en Caroline D. Wade. Tot de tiental dames, die in de zomer van 1888 in Rijsoord zijn, behoren ook o.a. de Parijse studentes: Pauline A. Dohn (met haar zus Mary, vertrekken eind juni naar Boston), Ida C. Haskell, Alice D. Kellogg (en zussen Mary en Gertrud), Anna P. Scott (nichtje van de Kellogg-zusters), Anna H. Stanley en mogelijk Adele Matthiessen (1867-1929), Amy Atkinson, Minerva J. Chapman en Jessie A. Dayton. De dames logeren bij Volksje Noorlander-van Nes; de heren waarschijnlijk in hotel Warendorp. Van de aanwezige kunstenaar Alexander Schilling (1859-1937) bevinden schetsboekjes uit begin juli en augustus 1888 in de collectie van museum Boymans-van Beuningen. Hierin staan diverse schetsen in van Rijsoord en omgeving. Alexander Schilling is een goede bekende van John H. Vanderpoel. Begin jaren '80 geven ze samen al schilderlessen in de buitenlucht (outdoor sketching classes) in Chicago. In latere jaren dacht Alexander Schilling (Shilling) met afschuw terug aan zijn eerste kudde-bezoeken aan Rijsoord en Dordrecht.

Ook in de zomer van 1889 en 1892 is John H. Vanderpoel aanwezig in Rijsoord. In 1892 wordt hij vergezeld door zijn vrouw Jessie Elizabeth Humphreys (1869-1942) met wie hij op 23 december 1890 in het huwelijk is getreden. Aan boord van het s.s. 'Veendam' bevinden zich naast het echtpaar Vanderpoel ook de kunstenaressen Nannie Homans en Wilhelmina Douglas Hawley. Ze gaan beiden eerst naar Parijs en ze bezoeken vervolgens op 4 juli Rijsoord.
Door een ongeluk op 14-jarige leeftijd in een gymnastiekzaal is John H. Vanderpoel gewond geraakt aan zijn rug. Hierdoor loopt hij levenslang kreupel en houdt hij een klein gedrongen figuur. Vanaf circa 1892 kan hij nog maar met één oog zien: "At the age of fourteen he suffered a fall in a gymnasium which made him a cripple for life, and when he was about thirty-five he lost the sight of one of his eyes."

Vanaf 1888 zijn er dus jaarlijks in de zomer - en soms ook in de winter - buitenlandse kunstenaars aanwezig in Rijsoord. In 1889 legt Anna H. Stanley de eerste steen voor pension Noorlander. In 1890 verschijnt het artikel 'Wooden Shoes' van Anna P. Scott, waarin de schoenmakerswerkplaats van Rijsoord centraal staat. Het geïllustreerde artikel wordt gepubliceerd in 'St. Nicolas' en de tekst wordt vervolgens door vele Amerikaanse kranten overgenomen.

Veel van de latere kunstschilders in Rijsoord zullen daar zijn terecht gekomen door de aanbeveling van de vijf kunstschilders, die in 1887 in Rijsoord waren. Arthur Wesley Dow zal zijn leerlingen over Rijsoord hebben verteld op het Pratt Institute (Brooklyn) en op de Art Students' League in New York City, John H. Vanderpoel op het Art Institute in Chicago, Arthur F. Mathews op de Art Students League en California School of Design in San Francisco, en Walter Gilman Page en Philip L. Hale aan hun pupillen in Boston.
Even later komen uit San Francisco naar Rijsoord o.a. Julie H. Heynemann, Elizabeth Curtis, Clara T. McChesney, Mary G. Hutchinson, Ernest C. Peixotto en Willbur A. Reaser. Uit Brooklyn komt o.a. Jeanie L. Boyd met haar pupillen. Uit Chicago komen o.a. Althea Chase en Cora F. Freer. Uit Boston komt o.a. C.S. White.
Willbur A. Reaser is een kunstenaar, die diverse zomers in Rijsoord doorbrengt met pupillen. In zijn geboortestreek in Iowa vertelt hij uitgebreid over het leven in Rijsoord in zijn lezingen over de Nederlandse kunst. (niet ver van Des Moines ligt het plaatsje Pella waar het Pella-Dutch werd gesproken)

kaart circa 1723 (collecties.stadsarchief.rotterdam.nl)